Enjoy the shingle life: met dit stappenplan liggen je dakshingles perfect

Een dak van shingles voor je tuinhuisje, chalet, blokhut, balkonoverkapping of veranda maakt niet alleen indruk, het scheelt ook een hoop werk ten opzichte van een bitumen dakbedekking. Wat moet je weten voor je begint aan het leggen van dakshingles? In elk geval dat het zeker geen moeilijke klus is, maar dat je wel netjes te werk moet gaan. Daarnaast is het belangrijk dat je shingles monteert op een egaal houten oppervlak, bijvoorbeeld multiplex (18mm). De hellingshoek van het dak moet bij voorkeur 25⁰ of meer zijn. Is de hoek minder dan 15⁰, gebruik dan liever geen shingles. Zorg bij een hoek tussen de 15⁰ en 25⁰ dat je eerst een onderlaag van plak-spijkerrol aanbrengt.

Dakshingles leggen: zo doe je dat

  1. Kies het juiste materiaal om dakshingles te leggen.

    Er is zeker iets te kiezen: je hebt rechte en afgeronde shingles in allerlei kleuren en verschillende mogelijkheden om de dakranden af te werken. Voor het proces maakt je keuze soms wel uit:

    • Kies je bijvoorbeeld de extra zware kwaliteits-shingles 3-taps model met kleefpunten van Aquaplan, let er dan op, dat dit product ongeschikt is voor dakhellingen < 15 graden. Is de dakhelling groter is dan 15 graden, maar kleiner dan 25 graden, breng dan eerst een laag dakbedekking aan, bijvoorbeeld de Plak-Spijkerrol van Aquaplan. 
    • Een andere optie van Aquaplan zijn de Easy-Shingles Standard 3-tabs. Deze zijn geschikt voor het waterdicht maken van hellende daken vanaf 15° van woningen, vakantie- en tuinhuisjes, garages, carports en schuren. Deze shingles zijn licht van gewicht en bieden een lichtere en goedkopere dakstructuur in vergelijking met andere dakdichtingsmaterialen. 

    Verder heb je nodig:

    • Hamer en asfaltnagels (max. 16mm) of een nietpistool. Let er bij het gebruik van een nietpistool op, dat de krammen (max. 16mm lang) die je gebruikt breed genoeg zijn. Je wilt niet dat de shingles uitscheuren. 
    • Daklijm - shingles zijn zelfklevend, maar hiermee zet je ze extra goed vast. 
    • Naar keuze aluminium daktrim/aluminium hoekprofielen of houten windveren voor de afwerking.
    • Heteluchtpistool
    • Eventueel: aluminium nokstrips

    Zorg er daarnaast voor dat je de shingles altijd op een egale, droge en nagelbare ondergrond plaatst zoals een plaat van OSB of multiplex (18mm).

  2. Zorg voor een goede basis

    Veiligheid voorop, je werkt immers op hoogte. Zorg dus, dat je ladder stevig staat en niet kan wegzakken, voor je aan de slag gaat. In orde? Maak dan de ondergrond droog en stofvrij. Breng vervolgens de onderlaag aan en nagel deze vast op de ondergrond met corrosiebestendige shingle- en daknagels.

    Wanneer je de basis gereed hebt, meet je de lengte van het ingesneden deel van de shingle op. Teken horizontale lijnen op het dakbeschot, beginnend vanaf de onderrand: je werkt steeds van beneden naar de nok toe. Gebruik voor het aftekenen een slaglijnmolen, dat gaat sneller. Zorg dat de afstand tussen de lijnen overeenkomt met de lengte van het ingesneden deel van de shingle. Je legt je shingles straks namelijk ‘halfsteens’, steeds half over elkaar.

  3. Monteer de eerste rij shingles ondersteboven.

    Verwijder de vliesjes van de onderkant van de shingles, voor je ze bevestigt en leg de eerste rij shingles vanaf de onderrand ondersteboven, dus met de lamellen naar boven. Dit zijn de voetshingles. Gebruikshingle-lijmof dak-reparatie van Aquaplan en breng dit aan op de rug en op de puntjes van de lamellen. Plak de shingles op het dak en spijker ze vervolgens met de bijpassende daknagels van 20 mm vast. Deze eerste rij dakshingles moet ca. 6-10 cm over de dakrand steken. Zorg dat je ook aan het eind van elke rij en aan weerszijden steeds een paar cm overhoudt.

  4. Leg de rest van de dakshingles.

    Leg de volgende rij shingles met de lamellen naar onder. De rugstrook plaats je steeds tegen de krijtstreep: zo valt deze eerstvolgende rij netjes over de voetshingles heen en verspringen de lamellen steeds een halve lamel (halfsteens). Vergeet niet elke keer wat lijm te gebruiken op de rug en de punten van de lamellen. De rugstrook zet je vast met een paar afsfaltnagels (niet de lamellen, dat is namelijk het gedeelte dat je ziet. Herhaal de rijen tot je de nok van het dak zo dicht mogelijk genaderd hebt.

  5. Leg nokshingles of een metalen sierstrook.

    Voor de laatste rij begin aan de kant die tegengesteld is aan de heersende windrichting. Maak nokshingles door de lamellen af te knippen van de shingles. Even verwarmen (gebruik eenheteluchtpistoolen vouw ze direct in de lengte. Breng lijm aan op de gevouwen stroken en plak een strook op de nok. Zet aan de rand vast met asfaltnagels en leg overlappend door. Liever een nokstrook in metaal? Dat kan natuurlijk ook. Zorg dat de asfaltnagels steeds overlapt worden door de volgende shingle en bevestig de laatste shingle alleen met lijm.

  6. Trim je dakranden netjes af.

    Sla de uitstekende rand van de voetshingles om de dakrand heen. Vervolgens werk je deze randen af met een houten lijst of met het voorgevormde Aquaplan dakrandprofiel met ingebouwde kit-goot. Dit profiel vul je metdak-reparatie, plaats je op de dakrand en schroef je vast.

Happy shingle? Of toch nog wat vragen?

Hoe helder onze uitleg ook, er bestaan geen domme vragen. Stel ze dus gewoon aan onze kluspro’s vóór je begint met het leggen van je dakshingles. Er is altijd wel een Hubo in je buurt. En natuurlijk ben je ook welkom, als je de klus liever aan ons overlaat.